Zo’n tien jaar geleden lag het uitgaansleven van Rotterdam op zijn gat. Als jong ventje bezocht ik liever de cafés in Vlaardingen dan die van Rotterdam, ja echt. De bestaande Rotterdamse clubs spraken niet aan en op muziekgebied gebeurde weinig. Tegenwoordig komen vooraanstaande bladen, kranten en reisgidsen woorden te kort om Rotterdam aan te prijzen. De stad sleept de ene na de andere prijs in de wacht en toeristen worden in bussen af- en aangevoerd. De uitgaansscene bloeit en we mogen ons gelukkig prijzen met meerdere toffe plekken om de weekenden door te brengen. Toch moeten we oppassen dat we niet terugvallen naar de situatie van tien jaar geleden.

De laatste maanden kwakkelt de uitgaansscene van Rotterdam. Transport Rotterdam loopt al vanaf de opening niet echt lekker, terwijl alle elementen voor een legendarische toko aanwezig zijn. Goede artiesten die heerlijke muziek meebrengen, een geweldige locatie en goede ligging vlakbij het centraal station. Toch weet het publiek Transport Rotterdam niet te vinden. Een ander voorbeeld is 360 DEGREES in BIRD. Onder leiding van Guido van Dieren boekt 360 DEGREES al vijf jaar de meest uiteenlopende artiesten. De avond krijgt altijd goede kritieken, desalniettemin is het moeilijk om het hoofd boven water te houden en levert de organisatie meer geld in dan het verdient. Te weinig publiek in combinatie met de hoge kosten lijken de nekslag te worden voor deze altijd verassende avond.

Het jongste slachtoffer is het pas geopende Trash aan de Witte de Withstraat. Wiebe Kuipers en Dirk Schmidt hadden met Bahn al bewezen een goede underground club neer te kunnen zetten. Het leverde vele barstensvolle en dampende avonden op. Aangezien Trash en Bahn hemelsbreed enkele honderden meter bij elkaar vandaan liggen zou je verwachten dat het publiek Trash ook weet te vinden. Niets is echter minder waar en vorige week kondigden beide heren aan dat Trash aan het einde van deze maand stopt. Volgens hen “leek het erop dat het publiek van de Witte de With de muziek van onze huisdj’s en bijvoorbeeld de styling van onze dansers niet altijd helemaal begreep”. Ze gaan op zoek naar een nieuw concept. Ondertussen is Rotterdam een club armer.

De gemeente bewijst daarnaast dat het nog ouderwets vervelend kan zijn. Vergunningen worden moeilijk vergeven en in de beleidsplannen komt de uitgaansscene er bekaaid vanaf. Volgens ons aller partyego Ted Langebach is “Rotterdam slachtoffer geworden van gemanipuleerde citymarketing waarin alleen eten en architectuur centraal staan. Door een nijpend tekort aan locaties is voor house, techno en clubbing – waar Rotterdam ooit bekend om stond – geen ruimte meer. Het wordt steeds duidelijker dat de stad inderdaad haar vooraanstaande positie in het uitgaan aan het verliezen is. Natuurlijk zijn er nog genoeg plekken die het wel goed doen. Bar, Annabel en Toffler treken regelmatig volle zalen. Ook zijn er nog jonge enthousiaste organisatoren en DJ’s die wat willen opzetten. Als echter steeds meer clubs verdwijnen gaat het voor hen een lastig verhaal worden zichzelf te ontwikkelen.

Een gehoorde klacht is dat op de social mediakanalen veel animo is, maar dat het in de werkelijkheid tegenvalt. Met andere woorden zijn mensen meer bezig online hun ding te doen dan daadwerkelijk naar de clubs te gaan. Teletekstsupporters, alleen dan net even anders. Ik ga hier niet betogen dat we meer moeten uitgaan en minder blij moeten doen op Facebook. Ik kan niet in iemands portemonnee kijken. Ik zou niet eens weten of dat de oplossing is. Wat de oplossing precies is blijft voor mij ook een vraag. Wat ik hier wil betogen is dat we het uitgaan wat we nu hebben moeten waarderen, moeten koesteren en niet voor lief moeten nemen. Voordat we het door hebben zijn we weer op het punt van tien jaar geleden beland. Terug naar de Dark Ages. Met het Stadhuisplein als enige optie. Ik zet Stichting Sensoor alvast in mijn telefoon…

 

Reacties

reacties