Ineens lag hij daar. Voor mijn neus, op mijn bureau: The Trouw Book. Direct toen bekend werd dat Trouw een boek uitbracht heb ik hem besteld. Blij als een kind dat het boek binnen was, maar tegelijkertijd kwam daar het besef. Het boek staat voor de afsluiting van een hoofdstuk binnen de Amsterdamse uitgaansscene. De sluiting van Trouw, zoals we hem nu kennen. Na vijf jaar houdt de – voor mij – fijnste club van Amsterdam op met bestaan. Het boek is volgens TrouwAmsterdam zelf niet alleen een fysieke reminder van de club, maar tegelijkertijd een ode aan de mensen van Trouw. Een ode aan de eigenaren, de residents en de mensen op de dansvloer. Het boek is ook een ode aan jou en mij.
Trouw boek
Wanneer ik mijn liefde voor Trouw aan mensen verkondig word ik vaak op mijn leeftijd gewezen. “Je komt net pas kijken man.” Vaak valt dan ook ergens het woord ‘club’ en het cijfer ‘11’. In The Trouw Book wordt ook verwezen naar Club 11 (de voorganger van Trouw). In maart 2008 werd bekend dat de vroegere Club 11 een nieuw onderkomen kreeg: de voormalige drukkerij in het vroegere Parool en Trouw gebouw. Bekend werd dat de nieuwe club – die toen nog geen naam had – voor zo’n tachtig procent een gelijke programmering zou krijgen in vergelijking met 11. Alleen met een iets rauwer randje. Dit rauwe randje begon met een dubstep-avond. De tijd vorderde en ook de programmering veranderde, maar heeft altijd een focus gehouden op experimentele electronische muziek.

Als jonge – maar Trouwe – hond in Trouw
De tijd vorderde en ook ik kwam om de hoek kijken. Dit ging in stroomversnelling toen ik zelf aan de Wibautstraat, vrijwel tegenover Trouw, kwam te wonen. Bij het binnenwandelen van Trouw waan ik me in een andere – tijdelijke – realiteit. Een realiteit van hedonisme waar kwalitatieve electronische muziek centraal staat en waar ik mijn vrienden zou maken. Een realiteit waar ik weekenden in heb gewoond. Trouw is at this very moment in mijn ogen de enige club in Amsterdam waar het niet uitmaakt wat je doet, hoe je eruit ziet en hoe je danst. Ik spreek mezelf hier gelijk een beetje tegen omdat ik wel eens een kritische noot zet bij het publiek, dat in mijn ogen niet bij het feest zou passen. Vaak zet ik deze noot bij mensen die in mijn ogen aanwezig zijn omdat het evenement of de locatie ‘hip’ zou zijn en ze eigenlijk niet van de muziek houden. Reden is ook onder andere de internationale roem die de club krijgt. Dit jaar nog eindigde de club op nummer 27 in de DJ Mag lijst van beste clubs wereldwijd(!).
Trouw boek
Dit gaat gepaard met de kritiek dat Trouw een ‘decadente club’ met alleen maar ‘kuthipsters’ zou zijn. Deze krijg ik namelijk wel eens naar mijn hoofd geslingerd. Zelf ben ik van mening dat elke elke club en elk muziekgenre inderdaad vaak zijn eigen subcultuur aantrekt. De ‘kuthipster’ loopt dan inderdaad in menig ogen vaak rond in Trouw. Hoewel de interpretatie van de term ‘hipster’ nogal breed getrokken wordt lately. Elk stukje gezichtsbeharing of elke skinnyjeans is tegenwoordig een synoniem voor ‘hipster’. Overigens een totaal andere discussie waar ik me nu niet aan zal wagen. Het publiek dat – over het algemeen – in Trouw rondloopt is in mijn ogen een groep jonge, vaak creatieve mensen, vrije geesten, kritische muziekliefhebbers, open minded en die bovenal vaak garant staan voor een goede vibe gedurende de nacht.

Tussen al mijn liefdesverklaringen, positieve woorden en uitingen door moet ik ook zeggen, dat ik ook echt kut nachten heb gehad in Trouw. Nachten waar ik niet over naar huis zal schrijven. Vaak waren dit de overbevolkte zaterdagen waar het te druk was om te bewegen, het Polderse publiek ook naar de ‘hippe’ club aan de Wibautstraat was uitgelopen en ik er eigenlijk zelf geen zin in had. Maar een relatie zonder ruzie, is geen relatie. Toch.

Trouw is mijn favoriet in Amsterdam
Uiteindelijk is en blijft Trouw mijn favoriet in Amsterdam en misschien wel heel Nederland. De club die het beste in mij naar boven haalt. Maar ook het slechtste. De zondagen prijken boven aan mijn favorietenlijst. Aanstaande zondag is er weer eentje. Ame, Dixon, ik heb een maandag vrij genomen. Misschien mijn laatste zondag in Trouw – zoals we hem nu kennen – ooit. De zondagen hebben een speciaal plekje in mijn hart. Met als hoogtepunt de zondag afgelopen Amsterdam Dance Event, waar ik om half twaalf de club uit strompelde op een maandagochtend. De sfeer, het publiek, de muziek. Het was af. Het was magisch. Kippenvel, geluk, het was af. Ik was gelukkig, geïnspireerd en tevreden. Trouw, bedankt.

Kern van het verhaal: Trouw was en is mijn zijden draad tussen kind en volwassenheid. Zowel fysiek als mentaal. Het heeft daaraan bijgedragen op zijn eigen manier. Een manier waar ik de club – en iedereen die daarbij komt kijken – dankbaar voor ben en altijd zal blijven. Op je hoogtepunt moet je stoppen. Schijnbaar, en we moeten er maar vrede mee te hebben. Die vrede heb ik. Denk ik. Trouw is een plek waar ik graag kom. Het is jammer, maar we moeten door. That’s life.

Reacties

reacties